Als ik met de trein reis, doe ik dat altijd eerste klas. Ja, ja, ik hoor uw reacties al: Wat een patser.
Wat mij altijd weer verbaast, is de vijandige houding van de tweedeklasreizigers jegens de eersteklasreizigers. Als er geen zitplaats meer is in de tweede klas gaan ze zeer opzichtig in de eerste klas zitten. De NS heeft er ook keurig voor gezorgd dat de tweedeklasreizigers vaak door een eersteklasgedeelte moeten om bij hun plaats te komen. De jongeren onder de tweedeklasreiziger kunnen het dan niet nalaten om opmerkingen te maken: “Het ruikt hier naar geld”, of “Allemaal rijke stinkerds”. Ik ken dat gevoel wel van als ik naar de veestapel achterin een vliegtuig wordt gedirigeerd en ik een minkukel van een ambtenaar in de Business Class ontwaar.
Ik heb medelijden met die jonge kinderen. Ze snappen blijkbaar nog steeds niet hoe de maatschappij in elkaar zit. Het feit dat zij tweede klas reizen, komt niet omdat ze geen geld hebben, maar omdat ze zich laten belazeren door een stelletje kapitalisten en marketeers, en veel te dure Nikes, iPhones en weet ik welke andere perverse lifestyleproducten aanschaffen. Als je je wil laten kaalplukken, doe je dat toch gewoon. Maar houd je mond en ga gewoon in de tweede klas zitten.




Het is altijd weer een verrassing voor de treinreizigers die uit gaan stappen aan welke kant van de trein ze eruit moeten. In Duitsland wordt de uitstapkant omgeroepen: “In Fahrtrichtung links aussteigen“. Ik heb wel eens aan een conducteur gevraagd waarom hij die informatie niet omriep. “Ach, mevrouw, voor mij is het ook telkens een verrassing aan welke kant we moeten uitstappen. We kunnen het dus niet omroepen”, was zijn oprechte antwoord.

